Godfried Bomans, Erik of het klein insectenboek

Bomans, Erik of het klein insectenboekGodfried Bomans (1913-1971) was vele jaren de meest gelezen schrijver van Nederland. Zijn lichtvoetige schrijfstijl maakte dat de literaire kritiek niet wist wat ze met hem aan moesten, terwijl hij bij het grote publiek zeer populair was. Zijn bekendste boek is Erik of het klein instectenboek waarvan inmiddels al ruim zestig herdrukken van verschenen zijn. Het is een sprookje en parodie op de maatschappij, dat zowel kinderen als volwassenen aanspreekt. Het motto van het boek is een citaat van Leonardo da Vinci: ‘Wij zijn alle ballingen, levend binnen de lijsten van een groot schilderij. Wie dit weet, leeft groot. De overige zijn insecten.’ De moraal van het verhaal: ‘houdt altijd de lijst in het oog en bekommert u niet té zeer om honing.’

Erik Pinksterblom ligt ’s nachts wakker. Morgen heeft hij een toets over Solms’ Beknopte Natuurlijke Historie, waarin alle insecten worden beschreven. Wanneer hij in de gedachten de leerstof nog eens doorneemt, komen de schilderijen in zijn kamer tot leven. Erik wordt ineens heel klein en komt terecht in de wonderlijke wereld van het schilderij Wollewei. Daar ontmoet hij allerlei insecten. Zo komt hij bij de adellijke wespenfamilie Van Vliesvleugel (‘men is het, of men is het niet‘) en logeert hij in een slakkenhuis. De meeste gasten kent hij al, behalve de dagtor, want die staat in de kleine lettertjes van Solms’ en die hoefden niet. De insecten staan versteld van zijn kennis, maar durven niets meer te doen omdat ze bang zijn dat ze het niet doen zoals het in Solms’ staat. Erik leert hen hun instinct te volgen, dan doen ze als vanzelf zoals het in het boek staat. De insecten in het boek zijn vooral overtuigd van hun eigen belangrijkheid en zijn met name met zichzelf bezig. Na een maand keert hij weer terug in de gewone wereld, waar blijkt dat hij slechts één nacht is weggeweest. Op de toets geeft hij wonderlijke antwoorden, die de juffrouw niet begrijpt.